Procrastinator’s Guide to the Galaxy en andere belangrijke plekken in het heelal

door Deirdre V. Lovecky, Ph.D

Een gids voor uitstellers om de Melkweg en de rest van het heelal te bezoeken

Een Gids door de Melkweg voor uitstellers is van vitaal belang. Anders zouden maar een paar van hen daar ooit komen, of ze zouden tot het laatste moment wachten om uit te vinden waar ze heen gaan. Oke, ze hebben een algemeen, groot plaatje. Ze gaan naar ergens in de buurt van Betelgeuse. Het zijn de details die hen ontglippen. Op een of andere manier schijnen Uitstellers niet te beseffen dat het een groot universum is, hoe vaak het ze ook wordt verteld. Ze maken dus nooit een plan.

Uitstellers komen eigenlijk uit een alternatief universum, een universum waarin de tijd elastisch is. In hun universum breidt de tijd zich oneindig uit om hen de gelegenheid te geven dingen af te maken wanneer ze er aan toe zijn. De tijd krimpt zich er ook in, waardoor ze maar heel kort last ervaren van negatieve gevolgen. In dit universum is er altijd beloning en nooit veel straf. Ze kunnen de hele dag door gamen, vol vertrouwen dat zij dat verslag voor het slapen gaan wel af zullen krijgen. Dit zal absoluut geen probleem of lijdensweg zijn. Het universum van de uitstellers is een heel gelukkig universum.

Toen Uitstellers emigreerden naar de aarde, ontdekten ze heel verschillende omstandigheden. Tijd wordt hier in een lineaire reeks gelegd. Het vraagt hier veel tijd om iets te volbrengen. De rekbaarheid is ook anders. In plaats van oneindige expansie wanneer er een uiterste datum aanbreekt, versnelt op aarde de tijd. Het versnelt ook als er iets leuks gebeurt. Tijd vertraagt ​​alleen als er iets onsmakelijks of negatiefs aan de hand is, zoals het maken van een verslag of het dragen van een consequentie voor het niet maken ervan. Uiteraard duurt het voor de Uitstellers een hele tijd om aan deze stand van zaken te wennen. Jammer genoeg is gevoel van tijd bij Uitstellers in hun genen ingebouwd en waren ze niet in staat zich aan te passen. Dus, terwijl ze opmerkten dat alle anderen hun verslagen op tijd hadden ingeleverd, lukte het de Uitstellers, ondanks hun enorme inspanningen niet om ook lineaire denkers te worden.

Helaas, er was geen weg terug naar hun universum. Ze zijn gestrand op Aarde en moeten leven tussen de efficiënte mensen, en er het beste van maken. Erger nog, ze trouwden met de mensen van de Aarde en het gen was dominant, dus een hoog percentage van de kinderen in opvolgende generaties van Uitstellers waren ook mee behept. Zo is het vandaag nog.

Mensen uit het Uitstel Universum stellen altijd uit wat ze nu moeten doen. Ze zijn zowel kortzichtig als verziend. Dat betekent dat ze het onmiddellijke genot van dit moment niet opgeven om te werken aan iets dat later nuttig zou zijn. Dit is kortzichtig. Aan de andere kant kunnen ze het eindpunt van een project te zien, zich de hele zaak voorstellen en grote passie hebben over de betekenis van het project. Sommigen zijn in staat om hun gedachten om te buigen naar nieuwe en nuttige inzichten. Dit is verziend.

Er zijn vele manieren waarop de Uitstellers verschillen van meer conventionele Aardbewoners. Ze zijn nog steeds van mening dat de tijd elastisch is. Door hun genetische aanleg hebben ze nog steeds het gevoel dat ze in een universum leven waar de tijd oneindig zal uitbreiden om hen in staat stellen om vereiste de taak te doen, nadat ze al hun tijd hebben besteed het doen van andere dingen. Elke keer zijn ze verbaasd wanneer de tijd om is. Sommigen van hen leren om goed te werken op deadline. De druk helpt hen hun energie te organiseren en de tijdsbarrière te overwinnen. Daarna werken ze snel en goed. Ze kunnen echter alleen een eerste ontwerp te produceren. Elke keer vertellen ze zichzelf dat ze het beter zouden hebben gedaan als ze eerder begonnen waren. Leerkrachten en ouders herkennen dit ook. Helaas is het niet eenvoudig om ​​beter werk te leveren, dit vereist namelijk het leren van een geheel nieuwe reeks van principes. Wat de Uitsteller nodig heeft is het vaststellen van verschillende deadlines. Hij moet zichzelf ervan overtuigen dat dit echte deadlines zijn, om daardoor met meer energie kunnen reageren. Docenten kunnen deze leerlingen helpen door daadwerkelijk kleinere doelen en mini-deadlines in te stellen. Na verloop van tijd helpen de leraren de Uitstellers’ denkpatroon aan te passen, zodat ze meer of minder nauwkeurig voldoen aan deze deadlines en beginnen te zien hoe grote projecten en taken op te breken zijn in kleinere.

Uitstellers hebben het idee dat details minder belangrijk zijn dan het beeld dat ze van het geheel hebben gevormd. De details verstoren eigenlijk dat beeld, dus kan je het beste niet te veel op de details focussen. Details vereisen een pijnlijke manoeuvre; aandacht verschuiven. Uitstellers hebben moeite met het verschuiven van hun aandacht van het ene aspect naar het volgende. In plaats daarvan raken ze gefascineerd door één detail en proberen dat verder te gaan verkennen, daardoor missen ze ook het belangrijkste punt van het project of taak. Deze Uitstellers hebben de neiging om projecten te doen op een manier die benadert wat de bedoeling was, maar het net niet is. Neem bijvoorbeeld Mark, een 12-jarige Uitsteller. Hij leverde een op zich origineel natuurkunde project twee dagen te laat in. Hij maakte alleen het werkstuk, maar hij had niet de vereiste poster en zijn verslag was vaag. Hij had al zijn tijd in een werkend model gestopt, dat hij in het laatste weekend had ontwikkeld. Hij kreeg een 6 en was verontwaardigd, vooral omdat degene met de beste beoordeling een alledaagse project had dat niet origineel was, maar wel alle benodigde onderdelen had.

Het zou hebben geholpen als Mark gewerkt had met een volwassene die enige structuur zou hebben toegevoegd aan zijn werk aan het project. Wat Mark ook zou kunnen helpen is dat hij zijn project alsnog mocht voltooien, hoewel hij te laat was, en hem daarmee in staat stellen zijn beoordeling te verbeteren. Het krijgen van een “6” leerde Mark niet wat hij moest weten: hoe hij zijn tijd kon verdelen om alle onderdelen af te hebben.

Uitstellers vinden het moeilijk om- hoe lang of kort ook maar- de aandacht te richten op materiaal dat niet boeiend is. Het doen van een gewone, alledaagse taak, zoals het buiten zetten van de vuilnis, is niet boeiend, dus wordt het niet gedaan tot de deadline: bedtijd, of als de vuilniswagen er al aankomt. Omdat ze mensen zijn van het grote plaatje, moeten Uitstellers zichzelf manieren leren om te stoppen en niet vergeten om kleine, alledaagse, maar noodzakelijke taken te doen. In deze tijd van mobiele telefoons en kalenders is het maken van een lijstje met dergelijke klusjes makkelijker dan het vroeger was. Ook heb je meer kans dat Uitstellers op hun mechanische kalender kijken dan een lijstje op papier te controleren. Uitstellers houden van technologie, want het is stimulerend en ze kunnen er vaak goed mee over weg.

Uitstellers voelen negatieve vibraties van projecten die de gewone mensen van de Aarde goed kunnen verdragen en zelfs plezierig te vinden. Voor Uitstellers lijken de negatieve vibraties die komen van de taak als een kwade moerasdamp. Het kost zoveel moeite om de negatieve vibraties overwinnen en te concentreren op de taak dat er, zelfs wanneer het wordt gedaan, weinig voldoening is. Alles wat Uitstellers voelen is opluchting dat het voorbij is. Andere mensen voelen zich beloond door de combinatie van het inzetten van vaardigheden en het voldoen aan een uitdaging. De verwezelijking van het doel is belonend en plezierig. Omdat de pijnlijke effecten voor de Uitstellers komen van het uitvoeren van de taak, zijn de gevolgen van het niet doen van de taak veel minder pijnlijk. Er is een zeurende schuldgevoel of een gevoel van naderend onheil wanneer het moment van oordeel komt, maar dit is zo veel minder pijnlijk dan de negatieve vibraties van het doen van niet-stimulerende taken, dat Uitstellers nooit leren van hun fouten. Consequenties leren hen zelden iets positiefs.

Het omgaan met de negatieve vibraties die uitgaan van niet-stimulerende taken is erg moeilijk, omdat de gewone mensen van de Aarde ze niet voelen. Het lijkt voor de gewone mensen dat de Uitstellers de taak de schuld geven voor het feit dat deze niet leuk is, in plaats van zichzelf voor het niet doen van de taak. Gewone Aarde mensen hebben absoluut geen idee hoe slecht het uitvoeren van onaangename taken voelt. Sommigen van hen proberen Uitstellers te overtuigen dat de taken zo slecht nog niet zijn en zelfs leuk. Misschien zijn ze leuk voor de Aarde mensen …

Soms helpt het Uitstellers als de taak op een bepaalde manier wordt gewijzigd. Als ze enigszins keuze hebben over hoe en wanneer ze het werk moeten doen in een kort tijdsbestek, kan dit de negatieve vibraties verlagen. Het maken van de taak meer als een spel zien of meer een uitdaging kan ook helpen. Uitstellers houden van nieuwigheid, dus als een nieuw aspect geïntroduceerd kan worden, kunnen ze reageren. Voor sommige taken hebben Uitstellers ondersteuning nodig en structuur om te leren langs de negatieve vibraties te komen.

Neem bijvoorbeeld Lisa: ze haat huiswerk en stelt het zo lang mogelijk uit. Haar huiswerk was enigszins saai, maar het voelde voor haar ook uiterst negatief. Als ze dacht over maken van de geschiedenis vragen voelde ze zich eigenlijk al misselijk. Wiskunde, aan de andere kant was niet zo slecht. Dat was meer als een puzzel die ze graag maakt. Ze kon zichzelf ervan te overtuigen dat wiskunde antwoorden waren als moord mysteries, en ze kan dus proberen om erachter te komen wie het gedaan heeft. Voor de geschiedenisvragen was het nodig dat ze op zoek ging naar de informatie in het boek en een hele zin of meer schrijven. Voor sommigen moest ze een origineel antwoord bedenken of informatie zoeken in twee verschillende secties. Dit maakte dat ze het gevoel kreeg dat ze misselijk werd. Ze maakte dus zelden haar geschiedenis vragen.

Het zou handig zijn voor Lisa om te leren oefenen met verschillende soorten vragen en om dan aan te geven wat voor soort antwoord werd gezocht. Begin met korte antwoorden en na verloop van tijd kan Lisa worden geleerd om antwoorden te geven die meningen en feiten weergeven. Het hebben van een ander type- en minder huiswerk zou Lisa minder uitstelgedrag hebben gegeven, omdat het niet zo negatief voor haar zou hebben gevoeld.

Sommige Uitstellers doen alleen taken die ze willen doen. Dat wil zeggen; alleen bepaalde taken voelen belonend en dat zijn taken die ze zullen doen. Deze mensen hebben geprobeerd om de negatieve vibraties van taken te elimineren door ze niet te doen. Andere Uitstellers voelen zich zo ongerust over de taak: het af krijgen van de taak, het goed genoeg doen, het omgaan met de obstakels, dat ze overspoeld worden door angst. Dit verlamt hen om in actie te komen en ze voeren de taak niet uit. In plaats daarvan maken ze zich zorgen, of doen een heleboel andere dingen om die te gebruiken als een excuus, “Nou, ik heb niet de kamer schoongemaakt, maar kijk ik deed wel al die andere dingen, dus ik ben echt niet lui of zo.” Angstige Uitstellers zijn stiekem bezorgd dat ze niet goed genoeg zijn, dat ze niet zullen voldoen. Dus ze proberen het niet, tenzij ze absoluut zeker zijn dat ze de taak kunnen uitvoeren. Dit type Uitsteller wil alleen eenvoudige, korte taken doen die weinig inspanning en weinig organisatie vereisen. Dan voelen ze zich minder overweldigd, minder bang en kunnen het proberen.

Angstig Uitstellers kunnen ook perfectionisten zijn. Ze willen korte, eenvoudig te realiseren taken perfect doen om zichzelf gerust te stellen dat zij de touwtjes in handen hebben en echt slim zijn. Kijk maar, ze maakten gewoon een perfect verslag. Dit soort Uitsteller wacht tot het laatste moment om het project te doen, maar dan raakt in paniek. Hij of zij maakt gebruik van zo veel emotionele energie dat er niets overblijft voor de taak. Dan weigert deze Uitsteller om naar school te gaan of doet hij alsof hij ziek is om thuis te blijven. Soms maakt de driftbui die het gevolg is van onvoldoende tijd en van de paniek het kind echt ziek. Door het uitstel, door een dag thuis, finishen ze het project en brengen het een dag later naar school, perfect gedaan en ook nog met een perfecte excuus. Ze waren ziek, dus het duurde langer.

Een angstige Uitsteller helpen vraagt dat leerkrachten en ouders helpen de verwachtingen bij te stellen door het geven van kleinere doelen en het opbouwen van de grotere eindpunt. Net als bij de tijd-is-elastische Uitstellers, is de invoering van kleinere deadlines en meer structuur nuttig. Ouders moeten ook grenzen stellen aan wanneer taken gedaan kunnen worden. Dat wil zeggen, moeten ze een huiswerktijd in te stellen en dit verdelen in gewoon huiswerk-tijd en project-tijd. Als de tijd voorbij is, moet het kind stoppen. Uiteraard zal dit in het begin driftbuien geven, maar uiteindelijk zal de Uitsteller wennen aan de structuur en gemakkelijker en goed werken. De paniek zal afnemen.

Er zijn Uitstellers die bepaalde taken uitstellen omdat ze deze niet willen en weigeren te doen. Dit is geen vorm van uitstel, maar een manier van passief verzet. Het is makkelijker om te zeggen “ben ik vergeten” dan toegeven dat je niet van plan was het werk ooit te doen. Het kan moeilijk zijn om te zien of een Uitsteller echt een vermomde weigeraar is, omdat veel Uitstellers taken weigeren te doen die ze niet kunnen. Een aanwijzing is hoe de Uitstellers zich voelen wanneer de taak niet gedaan is. Als ze zich schuldig voelen of boos, komen ze waarschijnlijk uit het Uitstel Universum en hebben ze hulp nodig. Als ze het gevoel hebben dat ze volwassenen te slim af zijn, of dat ze niets hoeven te doen wat ze niet willen doen, kunnen ze weigeraars zijn.

 

Belangrijk om te weten

Mensen die bij ons kwamen uit het Uitstel Universum zijn bijzonder. Ze hebben vele gaven om aan de mensheid te geven. Ten eerste laten ze ons de kostbaarheid van het moment begrijpen en laten ze zien dat we niet de hele tijd productief en efficiënt hoeven zijn. Ze hebben ons ook leren waarderen hoe de tijd verschillend kan voelen voor verschillende mensen. Sommige culturen op aarde hebben verschillende manieren van denken over de tijd. Het is niet voor iedereen lineair. De mensen van het Uitstel Universum herinneren ons er aan tolerant en behulpzaam te zijn. Mensen uit de Uitstel Universum zijn creatief. Ze zijn geneigd om op een interessante raaklijn af te stappen en de dingen op een nieuwe manier te zien, alleen maar omdat ze niet zo overdreven gericht zijn op het klaren van de klus. Sterker nog, als alles wat we aardbewoners ooit gedaan hadden het afmaken van klussen zou zijn, zouden we nog steeds rond te scharrelen in de modder en nooit enige evolutionaire vooruitgang hebben gemaakt. Verandering gebeurt door hen, die afwijken van het geaccepteerde pad, niet vanwege de ploeteraars.

Ondanks de voordelen van uitstellen, is dit een groot probleem bij het proberen te leven op een planeet zoals de aarde. Daarom hebben mensen uit de Uitstel Universum een gids nodig, zodat ze kunnen navigeren door de gebruiken van onze vreemde wereld waar de tijd anders is en de dingen worden gedaan omdat iemand het zei. Misschien zal het schrijven van een dergelijke Gids ons helpen als we de ontdekkingsreizigers in de ruimte zijn en wij zijn degenen zijn die ons moeten aanpassen aan vreemde ideeën en gewoonten.

Definitie van onderpresteren

DSC_0803

Afgelopen winter kocht ik een bos lelies. Ze zaten heel mooi in de knop. Toen ze een week in de vaas zaten, stond er een heel mooi boeket lelies op de tafel. De meeste knoppen waren helemaal open gegaan en de bloemen toonden hun pracht en praal. Er waren echter ook een paar knoppen die maar half geopend waren; op zich een leuk gezicht, maar ze zagen er niet uit als lelies. Toen de bloeitijd over was, vielen de bloembladen van de geopende knoppen op tafel. De halfgeopende knoppen stonden, half ingedroogd, op de vaas.

 

Onderpresteren, wat is het?

Het bovenstaande beeld doet mij denken aan onderpresteerders. Het zijn leuke en sympathieke mensen, maar ze ontplooien zich niet. Ze ontwikkelen hun capaciteiten en hun potentieel niet en bereiken hun doel/bestemming niet.

Gaat dit om cijfers op toetsen? Gebeurt het alleen op school? Dit ga je wel denken wanneer je de bekende definities van onderpresteren leest:

  1. “Onder presteren is het lager presteren op schoolvorderingen dan op grond van intelligentiescores verwacht zou worden.”  (Ton Mooij, 2007)
  2. “We spreken van een discrepantie wanneer een leerling op de schooltoetsen een standaarddeviatie lager scoort dan op de IQ-test.” Onderwijsraad (2007)

 

Beide van deze algemeen aanvaarde en veel gebruikte definities stuiten op problemen. Want, wat is in dit opzicht dan een standaarddeviatie? Ervan uitgaand dat iemand die op een passend niveau zit met een redelijke inspanning een zeven moet kunnen halen, is een standaarddeviatie dan één punt lager, dus een zes? Of is het wat een onvoldoende wordt genoemd- een vijf-, dus twee punten lager?

Wanneer je dan (hoog)begaafd bent en er geen passend niveau is voor jou, gaan we er dan ook vanuit dat een vijf voor jou een onvoldoende, dus onderpresteren is?

Het is tijd deze algemene norm los te laten en per individu te gaan bekijken wat onderpresteren is. Dat kan voor sommige leerlingen betekenen dat ze met een acht nog steeds een onvoldoende halen en dus onderpresteren.

 

Kijkend naar de definitie van presteren is dit laatste helemaal nog niet zo raar:

Presteren: 1. tot stand brengen 2. goed voor de dag komen (vandale.nl )

Presteren: vervullen, verrichten, uitvoeren, volbrengen, functioneren, bestaan (woorden-boek.nl)

En de definitie van Bestaan is: existeren, leven, zijn, presteren, wagen, wezen (woorden-boek.nl)

De huidige definitie impliceert ook dat het alleen op school plaatsvindt: lager presteren op schoolvorderingen en/of op de schooltoetsen. Als dat het geval is, waarom maken we er dan zo’n drama van? Eens stopt de leerling met zijn schoolloopbaan en dan is het probleem toch opgelost?

Engelstalige definities daarentegen geven wel aan dat het wel verder gaat dan de schoolse setting.

Davis & Rimm (1998) zeggen dat het bij onderpresteren gaat over: “The relationship between the talent and the expected contribution to society is the important point of comparison”.  

Hoewel ik persoonlijk niet zo gecharmeerd ben van het idee dat we een verplichting naar de maatschappij hebben, ik zie het meer als een verplichting aan jezelf om te presteren en uit het leven te halen wat er in zit, geeft deze definitie wel aan dat het buiten school ook mogelijk is om onder te presteren.

Bij Reis & McCoach (2000) gaat het over: “Underachievement relating to individuals who fail to realize their goals, or to ‘self-actualise’.” Hierbij gaat het om: je doelen niet bereiken of je zelf niet ontplooien, dit biedt veel meer dan alleen schoolprestaties en een schoolse setting. De verschillende profielen van onderpresteren van diverse wetenschappers die het onderwerp bestuderen, geven ook aan dat onderpresteren meer behelst dan alleen slechte prestaties op school. De impact van onderpresteren is groter dan onze definities doet vermoeden. Hierom geef ik onderpresteren een andere definitie:

Onderpresteren is: het niet ontwikkelen van je capaciteiten, jezelf niet zijn, jezelf niet laten zien, niet het beste uit je zelf halen, je competenties en je potentieel niet ontwikkelen. Dit is het eerst zichtbaar/herkenbaar op school als de cijfers op (school)toetsen lager zijn dan je op grond van IQ –scores zou verwachten, zonder dat daarbij sprake is van een leerstoornis.