Onderpresteren

“Onder presteren is het lager presteren op schoolvorderingen dan op grond van intelligentiescores verwacht zou worden.”  (Ton Mooij, 2007)

 

Als je naar de definitie van onderpresteren kijkt lijkt het alsof onderpresteren alleen op school plaats vindt, Je zou hierdoor ten onrechte de conclusie kunnen trekken dat het na de school/studie-tijd vanzelf op houdt.

Niets is echter minder waar, onderpresteren stopt niet zo maar na verloop van tijd.

Onderpresteren is langdurig minder presteren dan je op basis van iemands mogelijkheden mag verwachten. Onderpresteren is aangeleerd gedrag, dat je niet spontaan verandert. Het is vooral een motivatie probleem.

Over het algemeen zijn onderpresterende scholieren ongemotiveerd voor schoolse zaken. Ze werken ver onder hun capaciteit en ze spannen zich niet consequent in voor hun werk op school. Hun probleem is niet hun capaciteit; hun probleem is houding. Over het algemeen ontkennen ze de dingen die ze nu doen gevolgen hebben voor hun toekomst.

Onderpresteerders hebben het intellectuele capaciteiten mogen om betere resultaten te halen dan ze nu doen, maar ze missen het vermogen om:

  • Te werken tot het af is. Onderpresteerders beginnen dingen goed, verliezen dan interesse, zelfs in dingen die ze zeggen dat ze willen.
  • Zelfstandig te functioneren. Wanneer onderpresteerders onder nauw toezicht zijn kunnen ze goed werken, maar als het toezicht op stopt, stopt hun inspanning.
  • Binnen de tijdslimiet te werken. Als onderpresteerders is verteld dat het project vrijdag af moet zijn, zeggen ze op vrijdag zoiets als “Ik dacht dat je volgende week vrijdag bedoelde.”

Bekend gedrag van een onderpresteerder:

  • Doet het goed op prestatie of intelligentie tests, maar de prestaties blijven achter bij de capaciteiten.
  • Initieert geen nieuwe projecten; vindt nieuwe ideeën niet uitdagend (ziet het als “gedoe”)
  • Kan het goed doen, maar is grillig; heeft buitensporig toezicht nodig.
  • Is geen zelfstarter; toont geen passende gevoel van urgentie; mist deadlines.
  • Lijkt ongeorganiseerd, vooral als het gaat om de schoolse verantwoordelijkheden; maakt het werk niet af of levert het werk niet in.
  • Aanvaardt zelden aansprakelijkheid voor persoonlijk falen; heeft de neiging om de schuld bij omstandigheden of andere mensen te leggen.
  • Begint enthousiast, maar verslapt snel; belooft dan beterschap voor de volgende keer.
  • Is niet in staat om te genieten van zijn of haar eigen successen
  • Lijkt gemakkelijk afgeleid wanneer het nodig is om te werken; laat selectieve aandacht en geheugen zien.
  • Minimaliseert gevolgen voor de toekomst.
  • Doet alsof hij/zij gelukkig is (zegt dat hij of zij, gelukkig is maar is het niet echt)
  • Straf, beloningen, logica, begeleiding, opleiding, of gewoon met rust laten hebben geen effect.

Peter Spevak heeft vier soorten onderpresteerders geïdentificeerd. Elk heeft verschillende problemen en uitdagingen. Hieronder staan ​​een aantal belangrijke kenmerken.

Afstandelijke

  • Problemen met persoonlijk vertrouwen
  • Waarschijnlijk een verlies ervaren
  • Moeite met het omgaan met onzekerheid
  • Vermijdt nabijheid, emotionele contact
  • Vermijdt situaties die kunnen leiden tot afwijzing

 Hoe kun je helpen: Wees consequent, alleen door consequent zijn bouw je vertrouwen op.

 Passieve

  • Vindt eigenwaarde door goedkeuring van anderen
  • Gedomineerd door angst om te falen
  • Angst zorgt ervoor dat ze dichtslaan, onderpresteren
  • Kan ook obsessief zijn om een taak te voltooien.

 Hoe kunt u helpen: Focus meer op het werk dan op de uitkomst,  leer dat falen positief kan zijn, leer  dit als een leerervaring te zien.

 Afhankelijke

  • De meeste voorkomende vorm van presteerder
  • Probeert verantwoordelijkheid uit te stellen
  • Faalt om effectief te prioriteren
  • Geeft anderen de schuld voor gebeurtenissen buiten hun controle (om eigen angst te verminderen)
  • Zoekt negatieve aandacht

Hoe kunt u helpen: Plaats verantwoordelijkheden en consequenties terug,  confronteer de onderpresteerder met de gevolgen van hun keuzes.

Uitdager

  • De meest voorkomende vorm bij tieners
  • Bijna volwassen, maar overweldigd door volwassen verantwoordelijkheden
  • Neemt oppositionele houding aan t.o.v. gezag om de angst (over onderpresteren ) te verminderen

Hoe kunt u helpen: Focus op hun gevoelens en blijf emotioneel kalm, help een gevoel van bekwaamheid en persoonlijk controle te ontwikkelen